Van jochie naar papa

Hoe ik het eerste half jaar heb ervaren? Laat ik maar direct met de deur in huis vallen: ik denk dat wij geen goed voorbeeld zijn.

Laten we bij het begin beginnen. Zwanger worden. Toen we eenmaal wisten dat we graag zwanger wilden worden, zijn we eerst gestopt met de pil, zodat alle hormonen die zorgen dat je niet zwanger wordt uit het lichaam zijn en is Sandra begonnen met extra vitamines slikken. Rond die periode maakten wij onze droomreis naar Amerika. Na Amerika werd het vrij fanatiek ‘oefenen’ geblazen. In oktober waren we terug van de vakantie en op de verjaardag van Sandra (6 december) wisten we het: we worden papa en mama! Onwerkelijk en ontzettend leuk. Er ging van alles door ons heen. Wat snel, binnen drie maanden. Wat een geluk!  Misschien te snel? Zijn we er wel klaar voor? Wat leuk en wat spannend! Hoe gaan we het aan onze familie vertellen?

Toen Sandra eenmaal zwanger was, was ze wat moe. Maar ja, Sandra is in december en januari (de donkere maanden) altijd wel wat moe. Dus op zich was daar niet veel anders aan. Ochtend misselijkheid? Buikpijn, last van de heupen of de rug? Niets van dat alles, Sandra bikkelt lekker door. De baby maakte het goed en mama maakte het ook goed. Uiteindelijk is dat wel het belangrijkste. Ging er dan niets ‘verkeerd’ gedurende de zwangerschap? Tja er was één dingetje. Het paasweekend. Eerst naar mijn pa en ma (binnenkort opa en oma) waar we lekker gewandeld hebben. Het was immers super mooi weer. De volgende dag, bij de andere bijna opa en oma, hebben we wederom heerlijk, ruim een uur, gewandeld. De dag daarna was het tweede paasdag en zijn we met elkaar gaan shoppen; de winkels waren immers toch open. De volgende dag bleek al dat lopen toch iets te veel te zijn voor de inmiddels behoorlijk zwangere Sandra. Omdat spieren en pezen week worden voor de bevalling, had ze een overbelaste enkel opgelopen. Really? Yep. Dat was echt alles. Sterker nog; tussendoor hebben we ook nog een grote verbouwing gehad en een week voordat we uitgerekend waren, stond Sandra nog op een keukentrapje twee plafonnetjes te schilderen, alsof er niets aan de hand was.

We wisten dat de baby groot zou worden, dat konden ze zien aan alle maten. Sandra had geen zwangerschapssuiker en zou ‘gewoon’ een grote Nederlandse jongen worden, zoals zijn vader. Dat was spannend, maar dat hoefde niet per se vervelend te zijn. Rond de 30 weken werden we uit bezorgdheid van de verloskundige toch maar even doorgestuurd naar de gynaecoloog. Daar kregen we eigenlijk een heel droog antwoord: “Tja, het heet niet voor niets een gemiddelde. Er zijn kinderen die boven het gemiddelde en onder het gemiddelde zitten. Dus niets om je zorgen over te maken.” Voor ons gevoel werden we niet echt serieus genomen. Omdat de verloskundige zich wel echt zorgen maakte, adviseerde ze geen thuisbevalling. Dat vonden wij allebei prima, het ziekenhuis was toch een plek waar we ons veilig zouden voelen. Op een maandag, na de uitgerekende datum, gingen we voor een tweede gesprek naar een gynaecoloog, dit keer een andere. Zij deed een nieuwe meting, maar zei er wel gelijk bij dat in dit stadium de metingen behoorlijk onbetrouwbaar waren. Ze schatte onze baby op 54 cm en 8,5 pond. Maar de meting kon er wel 20% naast zitten, hij zou waarschijnlijk kleiner uitvallen. Wel zei ze dat hij verder volgroeid was en dat ze hem graag wilden halen. Morgen was er een plek. Morgen?! Ja! Dan is het 8-8. Onze droomdatum! De volgende ochtend op 07:00 uur werden we verwacht in het ziekenhuis. Heel droog hebben we toen ’s middags boodschappen gedaan en opgeruimd, wetende dat we de volgende ochtend zouden vertrekken zonder baby en terug zouden komen met.

Eenmaal in het ziekenhuis aangekomen (weet ik veel wat je op zo’n dag moet verwachten), had ik een grote tas met eten en drinken bij me, tijdschriften en tekengereedschap. Ik kreeg een simpele stoel en Sandra werd op het bed geïnstalleerd. Ze kreeg prikken om een infuus aan te leggen, de hartslag van de baby werd gemonitord en om de zoveel minuten kwam er een aardige, enthousiaste zuster binnen die ons eten of drinken kwam aanbieden. Daar stond ik dan met mijn tas vol andijviestamppot van de dag ervoor en mijn pak met Snickers.

Al vrij snel begon het een en ander te werken en wilden ze de vliezen breken. “O ja, de gynaecoloog had ook nog gezegd dat er veel vruchtwater zichtbaar was op de ego”, zei ik. De zusters lachten en zeiden: “we zijn wel wat gewend, maar we zullen een dammetje bouwen” en díe bleek hard nodig te zijn. Na een aantal uren op de stoel gezeten te hebben vond ik de bevalling toch wel zwaar worden. Sandra trouwens ook.

Rond 2 uur werd het te zwaar (voor Sandra dan hè – ik ben immers een doorbijter), en kreeg ze een ruggenprik. Ik zal het maar vast verklappen: zeker niet alles ging perfect. Wij hadden ons geen voorstelling gemaakt van ‘hoe het volgens ons zou moeten gaan’, dus we lieten alles lekker op ons afkomen, samen komen we er wel door heen. Voor het infuus moest Sandra meerdere keren worden geprikt. En ook de ruggenprik was geen succes. Na twee keer prikken was dit geen optie meer en werd het infuus om weeën mee op te wekken stop gezet. Om de pijn wat te laten afzakken kon Sandra onder de warme douche. Hierdoor kon ik mijn houten kont met een plamuurmes van de comfortabele stoel af schrapen en even op een ‘zacht’ bed te gaan zitten. Een half uur later had ik weer gevoel in mijn billen en ben ik toch maar even gaan kijken bij mijn partner in crime. Onderhand was het alweer ver in de middag en gingen we al richting de avond. Na een uurtje onder de douche gingen we het opnieuw proberen. Rond 10 uur ’s avonds was er al flink wat ontsluiting, zoals ze dat zo mooi noemen. De zuster kwam even ‘checken’ en constateerde een volle bos haar. “Maar als ik het zo voel, wordt het niet een hele grote baby hoor, hooguit 8,5 pond denk ik”.

Niet veel later kwam ze weer en niet veel later nog een keer. Om 11 uur ’s avonds vertrouwden ze het toch niet, omdat het niet doorzette. Misschien is hij toch te groot. Ze hebben toen een second opinion gevraagd aan de gynaecoloog en die gaf aan een spoedkeizersnee te willen doen.

En dan sta je daar als man ineens met lege handen. Ik ben gewend om ’s ochtends vroeg op te staan, dus om half twaalf ’s avonds was ik er al wel aardig klaar mee (dit is toch zeker anderhalf uur na mijn bedtijd – zeker voor een doordeweekse dag). Dan springt ineens in mijn achterhoofd dat het nog maar heel even 8-8 is! Wellicht wordt ons kindje dan toch op 9-8 geboren. “Achja, boeie”, denk je dan, als het maar gezond is en mama natuurlijk ook.

Niet veel later (ook al voelde dat wel zo) mocht ik en mijn camera mee. Allereerst werd mij verteld waar ik mocht gaan staan. Daarna kreeg ik direct excuses van de arts die de verdoving voor de ruggenprik probeerde te doen. Deze andere vorm van de ruggenprik lukte ook weer niet, zeven keer had hij het geprobeerd. Het zij zo. Dus werd het een algehele narcose. Één van de zusters mocht de foto’s maken terwijl ik naast Sandra zat. Gezien de tijd en omdat het toch ‘eigen’ is wat op de operatietafel ligt, wil je als super papa in wording niet onderuitgaan op de OK… Een zuster met mooie ogen (tja, dat is het enige dat je eigenlijk nog van elkaar ziet), vroeg duidelijk met interesse en plezier: “Én, weten jullie al wat het gaat worden?” Ik begon te lachen; mijn moeder is kraamverzorgster en had ongeveer een maand daarvoor een gezin gehad die dachten een meisje te krijgen, maar bleek het toch ineens een jongetje te zijn… “Uhm, als het goed is, is het een jongen!” Daarna kreeg ik het seintje ‘ga maar staan als je hem geboren wilt zien worden’. En inderdaad, niet veel later werd er een jongen uit de buik van Sandra getilt. “Wow, wat een grote baby!” zei de zuster met de mooie pret ogen, “Het is een jongen! En wat is zijn naam?” “Hij heet Ben!” zei iemand met een brok in zijn keel, die net van een jochie omgetoverd was naar papa…

Omdat een baby door de keizersnede niet alle prikkels krijgt die hij bij een ‘normale bevalling’ wel krijgt, duurde het even voor Ben om op gang te komen. Het huilen duurde wat langer, maar alles was verder ruim prima. De navelstreng was al doorgeknipt, omdat de arts moest hechten en de baby in een andere ruimte onderzocht moest worden. Als papa kijk je dan naar een paarse baby, die langzaam wat roze begint te worden en een trillend lipje heeft tijdens het huilen – zo lief, zo klein, rode haren en knalblauwe ogen. En o ja, fuck wat is hij groot, hij lijkt wel op zijn vader (die 195 cm lang is)!

Niet veel later ging Ben naar een andere kamer en mocht ik, papa mee. Daar gingen ze Ben meten en wegen. 57 cm en 4744 gram. Daarna zat ik met Ben in mijn armen en aanschouwde ik een klein wondertje. Zo onbeschrijfelijk! Het is vreemd, het is onwerkelijk, maar ook zo vertrouwd en het voelt gelijk goed. Ik kon me er niets bij voorstellen, maar nu hij er eenmaal is, klopt het gewoon. Niet veel later begon Ben wat te huilen, waarna ik op de ‘bel’ drukte. “Zuster, ik denk dat Ben honger heeft. Kijk maar, hij is zo aan het smakken”. Ze ging even vragen of hij al wat mocht hebben en binnen 10 seconden was er 30 ml melk, via een cupje,  verdwenen in onze ‘kleine’ Ben. Niet veel later kwam mama er ook bij. Ze maakt het goed en ons gezinnetje was compleet. Sandra was toch wel wat wit, doordat ze veel bloed was verloren. later kwamen we erachter dat dit te maken kon hebben met het feit dat de placenta aan de voorzijde lag, dit in combinatie met een keizersnee, kan zorgen voor meer bloedverlies.

Later kwam de chirurg (erg aardige man) terug en met een lach op zijn gezicht zei hij: “Wij hebben hem omgedoopt tot Big Ben in de operatiekamer”. Heel leuk en toepasselijk. De volgende dag kwamen de zusters die ons de vorige dag hadden geholpen met het inleiden snel kijken. “We hoorden al dat het een grote baby was, we wilden snel even kijken, we zijn zo nieuwsgierig!”Niet veel later kwamen de opa’s en oma’s, ooms en tantes. We hadden nog niet gezegd wat het was geworden, dus voor iedereen was het spannend. “En wat is het?” “Een kleine, gezonde baby! Het is een jongen en hij heet Ben.”

Sandra moest een paar dagen met Ben in het ziekenhuis blijven, in verband met de keizersnee. Tussendoor ging ik, papa, Ben aangeven bij de gemeente en dat soort zaken. Gelukkig ging alles heel snel goed en mocht mama en baby Ben al na 1,5 dag weer naar huis.

Voordat ik het vergeet. Gedurende onze zwangerschap hebben wij meegedaan aan ‘Centering Pregnacy’, waar je met 6 à 8 stelletjes individueel de echo’s doet, maar het informatieve stukje doe je dan gezamenlijk, waar iedereen zijn ervaringen en ideeën kan delen. Het is een leuke dynamische sfeer, waar je ook veel van de andere papa’s en mama’s in spé leert. Je ziet trotse snoetjes en de steeds groter wordende buiken van de mannen alsook de vrouwen (tja, ook wij mannen worden slachtoffer van de rare eetgewoontes). Wij vonden het echt een aanrader. Bij ons liep eigenlijk alles wel op rolletjes, bij anderen gingen dingen niet direct vanzelf. Het is goed om je dat te realiseren en mee te nemen voor een eventuele volgende zwangerschap. Daarnaast vonden wij, omdat we beide full-time werkten, het erg fijn om gewoon even een aantal uur weg te zijn van je werk en stil te staan bij het feit dat ons leven er over een aantal weken drastisch anders uit zou zien. Daarnaast speelde voor mij ook nog mee dat Sandra er altijd voor mij is; als ik voor mijn werk naar China moest of weekenden moest werken. Nu kon ik wat terug doen. Na een bijeenkomst haalden we dan stokbrood met kip-kerrie en verse sla.

Waarom deze side-step? Ik had het gevoel, ook omdat mijn moeder kraamverzorgster is en zij bij ons kwam kramen, dat we goed voorbereid waren. We mochten al snel naar huis en het eerste beetje borstvoeding kwam, ondanks de keizersnee, al goed op gang. De laatste dag in het ziekenhuis zijn we gestopt met bijvoeden en gingen we over op volledige borstvoeding. Tja en toen was vanaf 20.00 uur Ben ontroostbaar aan het huilen. De kraamverzorgster was weg en Ben bleef maar huilen. Ik zei gelijk: “Die heeft honger.’ Van 30 ml naar 60 ml bijvoeding naar een paar druppeltjes borstvoeding… Honger… Shit. En kunstvoeding hadden wij niet in huis. Dat soort dingen staan niet op een uitzetlijst. Mam? “Nee, wij mogen geen kunstvoeding meer bij ons hebben, wij promoten borstvoeding.” Oké, dan het ziekenhuis bellen. Gelukkig kreeg ik de zuster die ons geholpen had aan de lijn en ze wist direct wie ik was. Rond middernacht ging ik, in de stromende regen, naar het ziekenhuis babyvoeding halen. Eenmaal terug thuis gaven we Ben zijn voeding en sliep hij daarna als een roosje.

En dan begint het ritme van slapen – eten – poepen – slapen – eten – poepen. Omdat Sandra moest herstellen (wat bovenwonderlijk goed en snel ging) kwam het ‘werk’ terecht op het bordje van de trotse papa, die met liefde baby Ben in badje deed en alle luiers verschoonde. En ik mocht mama laten zien wat voor een mooie baby ze hadden gemaakt.

After nine months of design and engineering,
a new model has been born.
We are very proud with this achievement,
and like to share with you: project B.E.N.
Due to the highly complex nature of ‘our baby’,
we expect some difficulties during testing.
We apologize beforehand if you experience:
High pitch squeals (brakes),
loud noises (exhaust testing),
or odd smells (Testing of the ABS and TC).
Please contact us for more information,
and a walk around of our latest addition.

Yours truly
ing. M. Beerten: Chief design engineer
Sandra Beerten-Smit: Design, production and quality control

Deze tekst had ik geschreven gedurende onze zwangerschap. Als ‘auto-man’ moet je er toch een toepasselijke draai aan geven.En al snel kan Ben vanalles en nog wat. Hij huilt nooit onnodig, is een goede slaper, doet niet moeilijk en kan bovenal ruften als een volwassen vent met 15 bier achter de kiezen. Al snel sliep hij hele nachten door en ondertussen blijft hij maar groeien. Inmiddels is baby Ben alweer 6 maanden oud. Waar blijft de tijd? Ik kan me nog goed herinneren dat ik een appje kreeg van Sandra, waarin ze zei dat Ben 100 dagen oud was. 100 dagen? Bizar. Ook zijn er al veel eerste keren langsgekomen. De eerste verjaardag van mama samen, de eerste sinterklaas samen, de eerste kerst samen, etc. Allemaal enorm leuk!

Hoe ik het van tevoren voor me zag? Ik had meerdere boeken gelezen, uit interesse. Ik wil proberen een goede vader te zijn en mij goed voor te bereiden. Sommige boeken zeiden dat het eerste jaar niet leuk was, anderen zeiden dat het zwaar was, dat het enorm bijzonder is, etc. Voordat Ben er was kon ik mij er niets bij voorstellen. En nu het eenmaal zover is, weet ik eigenlijk niets meer van de tijd daarvoor af. Het enige dat ik wel af en toe denk is; wat vond ik mijn ouders altijd suf en oud, maar zo voel ik mij helemaal niet nu ik zelf vader ben.

Sandra en ik zijn goed op elkaar ingespeeld, we doen heel veel samen, maar ook apart. Doordeweeks verzorgd zij Ben op rare nachtelijke tijden, mocht dat nodig zijn en in het weekend laat ik haar lekker uitslapen. Wil ze shoppen? Prima. Op pad met vriendinnen? Allemaal prima. Papa blijft met liefde thuis met Ben. Vaak gaat Ben ook gewoon mee, we zijn er van overtuigd dat hij daar ook makkelijk van wordt. Ze hebben we een nieuwe auto gekocht met zijn drieën. Pakken we samen een dierentuintje en gaan we met zijn drieën op avontuur. Leuk en spannend!

Om terug te komen op mijn openingszin: ‘ik denk dat wij geen goed voorbeeld zijn’, ik hoop dat dat na het lezen van dit artikel duidelijk is geworden. Het slaat niet op het zijn van slechte ouders, maar op het feit dat we zo enorm mazzel hebben met alles. Met de zwangerschap, de bevalling en met Ben. Natuurlijk, niets is gegaan zoals gepland, maar wat valt er te plannen? Er zijn op het juiste moment de juiste beslissingen gemaakt en we maken het alle drie super goed. En ben is super makkelijk, hij is goed te lezen en een tevreden mannetje. Het valt mij allemaal 200% mee. We genieten er oprecht van, zo willen wij er wel 10! Uiteraard werkt dit dan weer niet zo. In onze omgeving hoor en zie je -nu je ook zelf zwanger bent geweest -, dat dingen ook heel anders kunnen lopen. Wij hebben echt zo enorm geluk (gehad)! Vandaar deze openingszin.

Voor mij persoonlijk is het leuk om te zien dat de tijd die we er in hebben gestoken om ons samen goed voor te bereiden, vanalles te regelen en te plannen, goed heeft uitgepakt. Daarnaast zijn we allebei goed in staat om dingen op ons af te laten komen. Ook als dingen anders gaan dan gepland, proberen we rustig te blijven en het nieuwe pad uit te stippelen en te bewandelen. Deze rust stralen we ook uit op Ben en ik denk dat we mede hierdoor we zo’n makkelijke baby hebben (op dit moment).

 

Papa van Ben, man van Sandra.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *